Dag 15 —> Flers - 64 km
21 september 2024 - Flers, Frankrijk
Even buiten Mayenne pikken we de Via Verde, de oude spoorweg op. Het enige dat aan het roemruchte verleden van dit fietspad herinnert, zijn de geschilderde plaatsnamen op de voormalige stationnetjes - nu aardige woonhuisjes en niet zoals in Spanje vervallen krotten. Het leuke van deze spoortrajecten is dat ze redelijk vlak lopen: de hellingen zijn maximaal 2 %.
We kijken om ons heen. M spreekt van ‘een verse ochtend’. Ik versta het niet goed en M legt uit: ‘een verse ochtend’ net als ‘verse koffie’. ‘ Hier in de weilanden ligt een laken van dauw en je ziet daarin de sporen van koeien of paarden die al op pad zijn geweest’.
In een wei staan twintig jonge koeien iets uit een grote voerbak te eten, Bix of iets nog lekkerders. Ik zing de eerste twee strofen van ‘De dorre vlakte der woestijnen’ voor die onbevangen dieren. Ja, ik moet bekennen dat ik ooit zendeling wilde worden, ik moet toen ca. tien geweest zijn. De dieren heffen hun kop op en M zegt dat ik ze aan het schrikken maak. Dat zou kunnen, want mijn stem klinkt schor, maar wie weet, misschien heb ik ze toch een klein stukje levensvreugd mee kunnen geven. De kleine dingen, daarom gaat het tenslotte.
Dan verschijnen er opeens echte rails. Bij een huisje kan je een spoorfiets huren, maar alles ziet er erg gesloten uit; het seizoen is nu voorbij. Ooit hebben wij ergens zo’n spoortochtje gemaakt en we kunnen ons beiden alleen nog het zware trappen herinneren.
Na 15 km steken we weer de Mayenne over, die zich hier in haar natuurlijke gedaante toont zonder aangekleed te zijn met menselijke kunstwerken als gemetselde oevers, boeien, dammen of sluizen. Honderd meter verder eindigen ook de rails. De spoorfietsers moeten vanaf hier hetzelfde stuk terug. Hoe het hier geregeld is met tegenliggers, dat vraag ik me af. Het meest logische zou zijn gewoon van voertuig te wisselen.
Dan steken wij La Varenne een aantal keer achter elkaar over. Bij een bankje rusten wij wat. Ik ben verdiept in de nieuwste sudoku in de NRC terwijl M poolshoogte neemt in de omgeving. In de buurt blijken middeleeuwse hoogovens gevonden te zijn en ook smederijen. We zitten in een ijzerertsgebied. Niet ver van hier fungeerde ooit de ijzermijn van Halouze, inmiddels weer enige tientallen jaren gesloten.
We fietsen Flers in en zijn weinig onder de indruk. Ons appartement bereiken we via een bouwvallige trap. De inrichting valt mee, maar alle licht komt binnen via dakramen; uitzicht is er niet zodat we wel een innerlijk leven moeten leiden hiero. De fietsen kunnen we gelukkig onderbrengen in de garage van een vriendelijke buurman. Maria en Christoffel zullen het daar zeker naar hun zin hebben. En wij maken er ook het beste van, fijn dat we een dak boven het hoofd hebben want vannacht gaat het regenen.


Koeien zijn goed in biefstuk. Maar dat zou de omgekeerde wereld zijn: traditioneel is het juist de zendeling die boven een vuurtje wordt gaargestoofd en verorberd. Dus is het maar goed, Joost, dat je al met al de scheikunde verkozen hebt boven het seminarie. En de schrijfkunst boven de preek. Niettemin jammer dat we niet in die breinen van de koeien konden kijken toen je voor ze zong.